Alternatieve titel: On Body and Soul, afgelopen maandag om 22:18 uur
Ik had op voorhand al links en rechts iets gelezen over deze film, maar niet dat het te symbolisch of diepgaand is geworden. Het is wel een bijzonder liefdesverhaal geworden tussen twee aparte figuren. Een vrouw met een autismesyndroom die moeite heeft om sociale contacten te leggen en een oudere man met een kreupele arm die de liefde reeds heeft opgegeven.
Op één of andere manier heeft de film mij altijd in de greep kunnen houden. De gezamenlijke dromen van Maria en Endre geven de film natuurlijk iets extra boeiends om op verder te bouwen. Dat Maria en Endre door die dromen steeds meer en meer naar elkaar toegroeien, was mooi om te zien gezien hun persoonlijkheden. Ook het einde weet zeker te overtuigen met Maria die eerst een zelfmoordpoging onderneemt door haar pols over te snijden, maar alsnog gered wordt door een telefoontje van Endre en nadien de twee die uiteindelijk een soort van koppel vormen.
Boeiende film. Misschien net niet genoeg om een echte topper te zijn, maar misschien verandert mijn mening nog bij een herziening.
Dit is zo’n typische dertien in een dozijn misdaadfilm geworden, waarvan ik het vermoeden heb dat het grotendeels door AI is (mee) geschreven. De ene cliché volgt de andere op zoals de uitgebluste rechercheur die als enige overtuigd is van een bepaald spoor. De dief is een zwijgzame, mysterieuze man zonder verleden die probeert om zo snel mogelijk een bepaald bedrag binnen te halen zodat hij kan stoppen. Ook start de mysterieuze man een (onnodige) romance met een (onbelangrijke) vrouw om de speelduur wat te rekken.
Nergens vernieuwend en erg clichématige film. Povere 2.5*
Met Short Cuts had ik al een goede mozaïek film gezien van Altman en mozaïek films hebben toch altijd iets speciaals, maar dit is jammer genoeg net iets minder geworden.
Er zitten gewoonweg te veel karakters gepropt in deze film om echt goed uit de verf te komen. Sommige zijn natuurlijk best interessant om te volgen zoals de fragiele Barbara Jean en de vals zingende Sueleen Gay. De manier waarop ze tegen beter weten in toch een carrière probeert uit te bouwen, is tragisch om te zien met als dieptepunt wanneer ze gedwongen wordt om een striptease act te doen. Verder waren de andere personages niet al te boeiend om te volgen.
Daarnaast is de countrymuziek niet bepaald mijn favoriete genre. Voor een film van ongeveer 100-120 minuten zou dit nog prima te doen zijn, maar nu duurde sommige muzikale scènes iets te lang.
Ondanks dat de film goed gemaakt is en het tijdsbeeld goed uit de verf komt, is het bij momenten wat te saai.
Het is al een lange tijd geleden dat ik nog iets nieuws gezien had van Besson, maar dit is een fijne ontdekking geworden. Het zal in de eerste plaats bijblijven omwille van het visuele. Besson heeft er een mooie, stijlvolle film in zwart-wit van gemaakt. Parijs wordt op die manier prachtig in beeld gebracht en ieder shot is wel de moeite waard om te zien.
Ook de combinatie Debbouze/Rasmussen is opvallend omwille van het verschil in lengte en ze slagen erin om de hele film naar hun hand te zetten. Debbouze speelt zo’n nerveus typetje die de hele tijd letterlijk en figuurlijk klein wordt gehouden door Rasmussen en zij is toch wel een prachtige verschijning.
Qua verhaal wist het mij wel 2/3 van de film erg te boeien. De film is bij momenten grappig en de extra touch van fantasy maakt er een leuk geheel van, maar naar het einde toe komt de kers op de taart er niet echt. Het is net iets te voorspelbaar en het einde waarbij Angela haar vleugels verliest wanneer André haar probeert tegen te houden, wist me niet helemaal te pakken.
Ik kan niet zeggen dat ik me verveeld heb met deze film die draait rond een driehoeksverhouding op een nieuwsredactie. Het is erg onderhoudend en bij momenten best grappig, maar hoogstaand wordt het op geen enkel moment. Daarvoor heb ik toch iets teveel het gevoel gehad naar een lange aflevering uit een soap te zitten kijken.
Een aantal scènes springen er wel bovenuit, zoals Brooks die zich te pletter zweet als hij zijn debuut maakt als nieuwslezer, maar ook de scène in het begin waar Joan Cusack een heus parcours moet afleggen om een tape op tijd af te leveren, was erg leuk gedaan.
Fijn filmpje, maar een echte hoogvlieger zou ik het niet noemen.
Na het prima eerste deel wilde ik niet al te lang wachten met het vervolg, maar deze Pusher II is toch net iets minder.
Mads Mikkelsen ruilt zijn kleinere rol uit de eerste film in voor de hoofdrol en doet dat met verve. Zijn hele voorkomen past perfect bij de loser die hij dient voor te stellen.
Op audiovisueel vlak heeft Refn er opnieuw een knappe film van gemaakt, maar toch moet deze onderdoen voor het eerste deel. De film concentreert zich meer op het karakter van Tonny die zich terug in de gunst van zijn vader probeert te werken en ondertussen ook zelf een vader blijkt te zijn, terwijl het eerste deel een heftiger en zenuwslopender verhaal voorschotelde. Ik miste hier het gevoel dat het ieder moment verkeerd kon aflopen met het hoofdpersonage zoals in het eerste deel.
Al vallen er wel enkele sterke scènes te bewonderen, zoals de scène op het feest waar we dicht op de huid van Tonny zitten en de scène waar Kurt de Kut de drugs per ongeluk door de WC spoelt.
Zeker geen verkeerde film, maar het eerste deel was toch wat beter.
Ik heb me kostelijk vermaakt met deze Franse ‘70 roadmovie. Gérard Depardieu en Patrick Dewaere stelen hier echt wel de show. Op sommige momenten zit je met walging te kijken naar de streken die ze uithalen. Vooral met de treinscène met de jonge moeder laten ze zien wat voor vieze jongens het wel niet zijn, maar op andere momenten zit je toch met een erg grote glimlach naar die twee te kijken. Dat Dewaere een tijd lang kreupel liep door een schotwonde in zijn kruis was al erg grappig, maar vooral de reactie van de twee mannen toen die nieuwe jongen als eerste erin slaagde om het meisje te laten klaarkomen, was echt geweldig om te zien.
Tegenwoordig zou ik het snel vergeten, maar Depardieu had echt een enorme uitstraling. De manier waarop hij zich doorheen de film beweegt, praat,.. is van een groot charismatisch gehalte. Dan heb je met Patrick Dewaere een prima 2e man. Op het eerste zicht lijkt hij eerder het sulletje van de twee, in vergelijking met Depardieu, maar eigenlijk is hij van hetzelfde hout gesneden.
Ook de bijrollen worden allemaal erg goed ingevuld met Jeanne Moreau die op bizarre wijze zelfmoord pleegt nadat ze een wilde nacht heeft beleefd met de twee mannen, haar schuchtere zoon die eveneens vrijkomt uit de gevangenis en later de cipier neerschiet. Maar de opvallendste bijrol is die van Miou-Miou. Ze lijkt allesbehalve een eigen wil te hebben in deze film. Iedereen die wilt, maakt gebruik van haar en de twee komen steeds bij haar terug, maar gaandeweg weet ze letterlijk en figuurlijk helemaal te ontdooien. Pas achteraf had ik ze herkend, maar erg tof om de jonge Isabelle Huppert hier aan het werk te zien.
Een roadmovie die een zalige Franse ‘70 sfeer weet uit te stralen met die pure rebelsheid, grappige maar ook wansmakelijke momenten en sterke acteerprestaties. Allemaal ingrediënten die hiervan een heerlijke film maken.
Ik denk dat ik met verkeerde verwachtingen deze film heb aangevat, want een horror heb ik er niet in kunnen ontdekken.
Aanvankelijk leek het mij nog interessant te kunnen gaan worden wanneer de filmmaakster de slasher-franchise nieuw leven probeert in te blazen. Hiervoor gaat ze zelf naar de plaats waar de film werd opgenomen waar ook de ster uit de eerste film tegenwoordig woont, maar de ode aan de ‘80 slasher komt er nooit echt uit. Daarvoor wordt de film te pretentieus wanneer de film begint te draaien rond thema’s als identiteit en seksualiteit.
Het helpt ook niet meteen dat de bloedsplattereffecten gewoon belachelijk gedaan zijn. De scènes waar Little Death verschijnt, zijn op die manier van een pover niveau. Gelukkig weet Gillian Anderson de film nog wat ruggengraat te geven met haar personage dat gebaseerd is op Norma Desmond uit Sunset Blvd.
Alternatieve titel: The Sweet Life, 19 september, 21:16 uur
Eindelijk ben ik toegekomen om de bekendste film van Fellini en misschien wel van de hele Italiaanse cinema te zien. De lange speelduur van 3 uur nodigt niet meteen uit om deze even tussendoor te bekijken, maar het is zeker en vast geen straf geworden om 3 uur lang naar Mastroianni en de Romeinse high society te kijken.
Een echt verhaal heb ik er wel niet in kunnen terugvinden. Het is allemaal erg fragmentarisch met Marcello die tal van feestjes afschuimt, maar de levendigheid die Fellini in deze film gestoken heeft, is wel een enorm plezier om naar te kijken. Ook de tal van mooie vrouwen die de revue passeren, geven zoveel cachet aan deze film. Anita Ekberg steekt er wel bovenuit met haar onbevangen karakter om meer van Rome te ontdekken met als hoogtepunt de scène in het Trevifontein.
Het is niet alleen maar glitter en glamour dat op het scherm passeert. De film is bij momenten ook donker met o.a. één van Marcello’s vrienden die zichzelf en zijn twee kinderen van het leven berooft, de moeilijke relatie tussen Marcello en zijn verloofde Emma en de overdosis van Emma.
Het is ook zo’n film met behoorlijk wat thematiek en symboliek met de eindscène op het strand waar alles eigenlijk prachtig samenkomt, maar het is wel één van Fellini’s meest toegankelijke film die ik gezien heb en ook meteen zijn beste.
Alternatieve titel: De Man Die Te Veel Wist, 19 september, 13:44 uur
Deze Hitchcock was weer eens toe aan een herziening, want buiten het nummer Que sera Sera, het uitje naar Marokko en dat Hitchcock een MacGuffin gebruikte om de film te voorzien van spanning was er niet zo heel veel van blijven hangen.
Vooral het eerste deel dat zich afspeelt in Marokko is ijzersterk. Er zit meteen erg veel mysterie in de film, er lopen verschillende louche types rond en niemand blijkt te zijn wie je denkt dat hij is.
Het tweede deel in Londen durft bij momenten al eens te vertragen, maar we krijgen wel een aantal erg sterke scènes voorgeschoteld door Hitchcock. Vooral de scène tijdens het concert in het Albert Hall gebouw is erg spannend en dat Doris Day de boel bij elkaar schreeuwde om de aanslag te verijdelen, kwam toch als een verrassing binnen. Maar niet enkel die scène is erg sterk, ook die scène waar er verwarring ontstaat rond de naam Ambrose Chapel is typisch Hitchcock en erg tof om te zien.
Fijne herziening van deze Hitchcock en de score mag blijven staan.
In vergelijking met de versie van James Cameron is dit een veel compactere versie over het zinken van de Titanic. Tijdens het eerste deel wordt er geen tijd genomen voor een romantisch verhaal en ook voor andere subplotjes wordt er geen tijd besteed. Het gaat vooral over de klasseverschillen tussen de mensen aan boord en de manier waarop ze zich gedragen na de aanvaring met de ijsberg. Zowat iedereen gaat er op een typische Britse manier rustig mee om.
Het zinken van het schip wordt in Cameron’s versie uiteraard spectaculairder gebracht, maar voor een film van 1958 staan de special effects zeker nog overeind.
Alternatieve titel: The Raid, 17 september, 23:16 uur
Een actiefilm die doet wat een actiefilm moet doen, is een prima omschrijving van deze film. De introductie duurt een schamele 5 minuten voordat het SWAT-team het appartement bestormt en nadien valt het geen moment stil.
De actiescènes zien er goed uit met als hoogtepunt het gevecht tussen dat kleine mannetje en de twee broers. De hereniging tussen de twee broers was ook het enige subplotje dat eraan werd toegevoegd, want voor de rest is het in 1 rechte lijn naar het einde toe.
Als tussendoortje is dit een actiefilm die vlotjes binnengaat.
Variety is een film die het grotendeels van de sfeer moet hebben. De groezeligheid van de pornobioscoop en bij uitbreiding van heel New York worden op een erg sterke manier in beeld gebracht.
Dat groezelige van New York komt vooral sterk tot uiting wanneer Christine besluit om één van de klanten van de bioscoop te achtervolgen nadat ze door hem werd achtergelaten op een honkbalwedstrijd. Toch kon er nog net een tikkeltje meer gedaan worden met de spanning tijdens deze achtervolgingen. Niet dat ze effectief hoefde betrapt te worden door Louie, maar er kon misschien nog iets meer mee gespeeld worden.
Sandy McLeod zet ook een sterke prestatie neer als Christine die zich meer en meer verliest in het wereldje van de porno. De manier waarop ze met haar vriend Mark praat door pornoscènes tot in de detail te beschrijven en hoe ze zich op het einde kleedt, maakt wel duidelijk dat ze helemaal geobsedeerd is geraakt.
Goed gemaakte film die hier amper aan 20 stemmen raakt. Interessant ook dat het hoofdpersonage van zo’n film door een vrouw vertolkt wordt, al lagen er nog wat kansen om er een echte topper van te maken. Ook het einde zorg niet echt voor een climax waarbij Christine Louie opbelt om af te spreken, maar verder de kijker in het ongewisse laat.
Alternatieve titel: The World of Kanako, 17 september, 01:05 uur
Halverwege heb ik de film toch even moeten afzetten en mijn toevlucht gezocht naar de Dafalgans, want na een halfuur had ik al bonsende hoofdpijn. Het tempo en de montage zijn van een snelheid die niet bij te houden zijn. Vaak had ik geen idee wat er precies aan het gebeuren was. Komt erbij dat de film vreselijk lawaaierig is en de personages gewoon onuitstaanbaar zijn.
Je moet er maar van houden, maar dit is echt niet mijn ding.
Alternatieve titel: Pale Flower, 16 september, 19:33 uur
Achteraf gezien had ik het gevoel dat er meer had ingezeten in deze film. Dat het stijlvol gemaakt is met de mooie zwart-wit fotografie, daar ben ik het zeker mee eens.
Alleen miste ik de nodige peper en zout om het niveau van de film omhoog te duwen. Het verhaal bleef naar mijn gevoel te lang hangen zonder echte diepgang te creëren. De liefdesaffaire tussen Muraki en Saeko leek aanvankelijk nog interessant te worden met o.a. de gokspelletjes, maar het deed me over het algemeen erg weinig. Er ontbrak toch iets in hun verhouding om er echt iets speciaals van te maken.
Daarnaast wordt er ook een Yakuza verhaal verteld over twee rivaliserende bendes, maar dat blijft over het geheel toch erg pover. Al is het einde wel goed gedaan met de moord van Muraki op de leider van de rivaliserende bende en het open einde rond de ware identiteit van Saeko.
Stijlvolle film, dat zeker en vast, maar met een beter script had dit best een sterke film kunnen zijn.
Ondanks dat het verhaal rond de gijzeling van het Israëlisch team erg gekend is, is dit een goed gemaakte film geworden. Door het verhaal te vertellen vanuit het oogpunt van de regiekamer van de sportdienst krijgen we een boeiende film te zien over deze gebeurtenis.
De grote lijnen zijn natuurlijk gekend, maar door het verhaal vanuit dit perspectief te vertellen, komen er heel wat details aan bod. Bijvoorbeeld dat men er vanuit ging dat de gijzelaars bevrijd zouden zijn, maar dat later de bevestiging kwam dat ze neergeschoten werden op de luchthaven.
Desondanks is het geen echte nagelbijter geworden. Met dit soort films komt het euvel dat het verhaal te gekend is toch snel bovendrijven. Enkel de verwarring rond de vrijlating/executie op het einde zorgde voor wat suspense in de film.
Hoe dan ook is het een interessante film om eens gezien te hebben.
Alternatieve titel: A Judgement in Stone, 15 september, 19:34 uur
La Cérémonie leek me een interessante film te kunnen worden vanwege de aanwezigheid van Sandrine Bonnaire en Isabelle Huppert. Twee actrices die ik al erg goede dingen heb zien doen en ook hier leveren ze erg sterke prestaties neer.
Sandrine Bonnaire wist me een aantal keren te raken op de momenten dat haar analfabetisme haar in moeilijkheden bracht. Nochtans leek de familie waar ze werkte zeker begripvol te kunnen zijn voor haar situatie, maar haar schaamte hiervoor valt ook te begrijpen.
Vanaf het moment dat ze bevriend wordt met Jeanne laat ze zich helemaal manipuleren door haar en begint ze zich tegen de familie te keren. Het gruwelijk einde kwam dan ook erg hard binnen (al had het jachtgeweer beter uit beeld gebleven om een groter shockeffect te creëren). De familie verdiende dit zeker niet en kwam nog redelijk sympathiek over ondanks de bourgeoisie trekjes. Daarom bezorgde het einde me toch een erg kil gevoel.
Tweede film die ik van Chabrol gezien heb na een degelijke Le Boucher, maar dit is nog van een iets hoger niveau. Ook Bonnaire en Huppert bevestigen het goede van hetgeen ik van de twee dames al gezien heb.
Alternatieve titel: The Beasts, 14 september, 23:53 uur
Op voorhand moest ik bij het lezen van de omschrijving van de film heel hard denken aan Jean de Florette. Achteraf gezien zijn er heel wat gelijkenissen tussen de twee films met het Franse koppel landbouwers dat aanzien wordt als indringers binnen de gemeenschap en de aanhoudende pesterijen die tot een hoogtepunt escaleren.
Rodrigo Sorogoyen heeft goed naar Jean de Florette gekeken, maar hij heeft gelukkig ook goed zijn eigen accenten gelegd en er een spannend geheel van gemaakt. Ik ben sowieso te vinden voor dit soort films waar ruzies en onenigheden steeds verder escaleren tot er een bepaalde grens wordt overschreden.
De opbouw wordt prima verzorgd met enkele prangende momentjes waar het al eens fout kon afgelopen hebben tussen Antoine en zijn buurmannen, maar het is toch vooral het einde dat sterk is. Olga lijkt zichzelf meer en meer te verliezen in haar zoektocht naar het lichaam van Antoine en wanneer ze de camera terugvindt, lijkt gerechtigheid ook te kunnen zegevieren. Die hoop lijkt wel eerst de kop te worden ingedrukt, aangezien de camerabeelden niet kunnen teruggehaald worden. Het zorgt voor een erg bitter gevoel dat de twee broers weer vrijuit lijken te gaan, maar gelukkig wordt het lichaam van Antoine alsnog gevonden, waardoor er toch nog gerechtigheid lijkt te komen.
Prima film dus, maar 4* kan ik er niet aan geven. Daarvoor heb ik toch iets teveel met Jean de Florette in mijn achterhoofd naar deze film zitten kijken.
De film is zeker goed gemaakt met een interessante invalshoek over D-Day. Zeker als je dergelijke (en belangrijke) zijverhalen over de oorlog niet kent, is dit zeker een interessante film om eens gezien te hebben.
Al blijft het natuurlijk een historische biopic waarvan de afloop gekend is, waardoor enige spanning of verrassingen ver weg blijven. Het is misschien ook allemaal net iets te mooi gemaakt om er een beklijvende oorlogsfilm van te maken die voor een lange tijd gaat bijblijven.
Two-Lane Blacktop is een roadmovie pur sang. De manier waarop Amerika in beeld wordt gebracht, is erg goed gedaan met de wijde landschappen, de tankstations, de diners en verlaten dorpjes.
Een echt verhaal is er niet, al is er wel een ‘race’ tussen The Driver en The Mechanic enerzijds en G.T.O. anderzijds die de film vooruit duwt. Al had ik niet echt het gevoel naar een race tussen die mannen te kijken door de erg trage en relaxte manier waarop het werd gebracht. Vaak stoppen ze om ergens in een diner te zitten of mee te doen aan een straatrace om wat geld te verdienen of pikken ze ondertussen een andere hitchhiker op.
Het is sowieso een film die het moet hebben van de sfeer i.p.v. het verhaal. De traagheid en de troosteloosheid druipen er van af, wat een bijzondere sfeer aan de film geeft, maar jammer genoeg is het allemaal niet voldoende om er een echte goede film van te maken. Er mocht iets meer pit inzitten wat mij betreft en de personages doen me erg weinig. Het emotieloos acteren van The Driver en The Mechanic zal wel bewust gedaan zijn om de sfeer in de film nog wat kracht bij te zetten, maar ik vond het gewoon erg saaie personages. Warren Oates daarentegen levert wel nog een iets interessanter personage af als GTO die voortdurend met verschillende hitchhikers onderweg is.
Een film die me dus gemengde gevoelens bezorgt. Qua sfeer valt er best veel te genieten, maar het mocht voor de rest toch ietsje meer zijn wat mij betreft.
Fat City is een heerlijke doorleefde en melancholische film die de sfeer van de jaren ‘70 op een goede manier uitstraalt.
Het is geen mooie boksfilm geworden zoals Raging Bull, maar deze Fat City heeft wel zijn eigen charmes. De boksscènes zien er vrij simplistisch, maar anderzijds wel erg realistisch uit. De boksers waarrond de film draait, zijn ook geen Jake Lamotta’s maar gewoon een paar amateurboksers die een beetje zakgeld proberen te verdienen.
Stacy Keach en Susan Tyrrell waren wat minder ronkende namen voor mij, maar ze zetten wel sterke personages neer die zich aan de onderkant van de maatschappij bevinden. Bij die scène waar Tully het avondeten had klaargemaakt voor haar, gingen mijn haren rechtop staan van haar hysterisch en dronken gedrag, maar ergens is dat wel een goed teken dat ze daarin geslaagd is. Jeff Bridges was voor mij de bekende naam in het gezelschap, maar zijn rol voelt nogal vreemd aan. In het begin leek de film meer rond zijn personage te draaien, maar eens zijn vriendin zwanger raakt, wordt zijn rol vrij verwaarloosbaar. Al acteert hij hier wel gewoon vlekkeloos.
Zeer geslaagde, sfeervolle en realistische film van John Huston. Ook dat einde waar Tully en Ernie samen voor zich uitstaren aan de toog met een kop koffie is een heerlijk beeld om mee te eindigen.
Film noirs hebben regelmatig de neiging om zichzelf te verliezen in een ingewikkeld plot, maar Siodmak zet hier een erg sterke en eenvoudige film noir neer.
Het is een soort liefdesverhaal, maar wel een erg grimmige waarbij Steve probeert om Anna terug te veroveren van zijn rivaal Slim die tevens een crimineel is. De reden van Steve om samen met Slim de heist op poten te zetten, is niet omwille van het geld, maar wel om op die manier Slim te kunnen uitschakelen en Anna terug te krijgen.
Het einde deed me een beetje denken aan Sweet Smell of Success (toevallig ook met een uitstekende Burt Lancaster daar), waarbij iedereen op het einde verliest. Die hele eindscène was trouwens erg sterk gedaan, waarbij Slim het huisje binnenwandelt en Steve en Anna koelbloedig neerschiet terwijl hij de politiesirenes al kan horen.Een erg rauw einde, maar wel eentje die zeker een tijdje gaat blijven hangen.
Het is zeker niet de enige sterke scène die we te zien krijgen, want met deze korte speelduur heeft Siodmak er toch een aantal erg fraaie in weten te verwerken. Vooral de ziekenhuisscène is een erg sterke waarbij de spanningsboog steeds meer en meer wordt opgetrokken. Ook de scènes die zich afspelen in de kroeg zijn een plezier om naar te kijken, die een overvloed aan sfeer bevatten. Zeker die Rumbascène met de dansende Yvonne De Carlo is genieten geblazen.
Die Yvonne De Carlo zet een erg sterke rol neer als femme fatale, maar de hele cast is sterk op dreef. Burt Lancaster vind ik altijd het niveau van een film nog wat optrekken en Dan Duryea lijkt mij iemand te zijn die geboren is om rollen van stijlvolle bad guys te spelen. In The Woman in the Window kon hij me ook al erg bekoren.
Erg sterke film noir van Robert Siodmak. The Killers vond ik ook al goed, maar dit is nog een niveautje hoger.
Er valt weinig of niets aan te merken aan deze film. Het verloopt allemaal heel erg vlot en de insteek rond het hypergevoelig gehoor van Niki zorgt voor een aantal intense scènes.
Al wordt het natuurlijk allemaal best voorspelbaar vanaf het moment dat Niki de eerste klusjes aanvaardt van de louche bende om kluizen open te maken. Niet dat Daniel Roher ergens in de fout gaat, maar nergens wordt de middelmaat echt overstegen.
Gelukkig is het romantische zijplot tussen Niki en Ruthie niet te zeemzoet en is het acteerwerk van een prima niveau.
Ik zal het nog niet vaak meegemaakt hebben, maar ik verkies toch de Amerikaanse remake uit 1999. Gelukkig had ik die remake al gezien, want anders zou het begin nogal verwarrend op me zijn overgekomen. Aan karakteruitdieping wordt weinig aandacht besteedt en er is ook niet echt een introductie van het verhaal. We worden gelijk middenin het verhaal gedropt wat nogal vreemd overkwam.
Al weet deze Plein Soleil veel kracht te halen uit de sfeer en is het een erg stijlvolle film. De Italiaanse stadjes worden op een erg warme, zomerse wijze in beeld gebracht en het deel dat zich afspeelt op de boot is erg sterk. Eerst wordt Ripley achtergelaten op de sloep, maar later vermoordt Ripley Philippe.
Qua spanning moet deze wel flink onderdoen voor de remake. Ik had hier minder vaak het gevoel dat Ripley op het randje stond om ontmaskerd te worden. Er was natuurlijk die scène waarin hij Freddy moest vermoorden en de scène waarin hij het appartement moest ontvluchten voor de politie, maar ik had niet echt het gevoel dat hij stevig op de hielen werd gezeten.
Het is wel duidelijk waarom Alain Delon een icoon was, maar toch weet de film niet helemaal te overtuigen en geef ik toch de voorkeur aan de remake.
Ik heb er best van kunnen genieten van deze dialoogfilm. Aanvankelijk leek de film volledig te focussen op de ruzies tussen Seth Rogen en Olivia Wilde, maar de wending naar het hele groepsseks gebeuren met hun buren zorgt ervoor dat de film grappig wordt en er een spanning ontstaat tussen de verschillende personages.
Wanneer de partnerruil slecht afloopt door de rugproblemen van Seth Rogen krijgt de film een dramatische wending waarbij het huwelijk van Rogen en Wilde op het spel staat. Op het einde wordt er ook nog even verwarring gecreëerd met Cruz en Norton die plots verdwenen zijn of waren ze wel effectief aanwezig?
Vooral Seth Rogen valt op met zijn typische cynische humor, maar ook Olivia Wilde speelt een erg sterke rol. Penélope Cruz komt nog makkelijk weg met haar personage, maar Edward Norton is hier minder goed gecast.
Fijne en humoristische film dus met de nodige chaos en amusante dialogen.
Veel voegt deze film niet meer toe aan het genre, maar als je met niet al te hoge verwachtingen deze film aanvat, is het zeker te doen als tussendoortje.
Het begin heeft wat Eden Lake vibes wanneer Sasha wordt lastig gevallen door enkele lokale mannen en nadien nemen de Deliverance vibes het over als ze de Australische natuur intrekt. Alleen is het jammer dat het spannende kat-en-muisspel tussen Sasha en Ben vrij snel gedaan is en ze lange tijd met elkaar opgescheept zitten. Het is toch altijd fijner om naar een jager te kijken die met zijn prooi zit te spelen dan wanneer ze gewoon met elkaar liggen te vechten.
Taron Egerton is ook prima als psycho kannibaal en Charlize Theron doet weinig verkeerd, maar niet dat ze een moeilijke rol had om te spelen.
Ondanks dat ik al heel lang basketbal speel en deze titel kende, ben ik er nu pas aan toegekomen om hem effectief te zien. De lange speelduur zal er wel voor iets tussen zitten, maar het is wel ideaal materiaal om in 2 helften te zien.
De status die deze documentaire heeft opgebouwd snap ik wel, maar echt onder de indruk ben ik niet. De documentaire bewandelt langs de ene kant de gekende paden waarmee veel afro-Amerikanen mee te maken hebben. Vooral de familie van Arthur lijkt zwaar in financiële problemen te zitten en ook de afwezige vaders vallen op. Al probeert de vader van Arthur zijn zoon toch opnieuw te steunen.
Misschien werden er iets teveel zijplotjes bijgehaald, maar het gedeelte dat zich focust op de carrière van de 2 jongens is wel interessant genoeg. Vooral omwille van de onvoorspelbaarheid van hun carrières. Hun karakters zijn totaal verschillend en Arthur lijkt het allemaal minder serieus op te vatten als William. William lijkt ook meer talent te hebben en er echt voor te gaan tot hij geconfronteerd wordt met zijn knieproblemen. Vanaf dan lijkt hij ook mentaal te slabakken en Arthur herleeft duidelijk opnieuw. Arthur heeft een stap teruggezet van een grotere school naar een kleine, volledig zwarte school, maar presteert wel erg goed met zijn team. Op dat vlak heeft de documentaire mijn aandacht er toch weten bij te houden. Ook het hele rekruteringsysteem van de jonge spelers is wel interessant om van dichtbij te zien.
Hoewel ik blij ben deze documentaire eindelijk gezien te hebben, ben ik er niet door overdonderd.
Alternatieve titel: Suzhou River, 20 augustus, 21:34 uur
Meteen vanaf de openingsscène waar de verteller de kijker meeneemt op de Suzhou rivier weet je dat dit geen doorsnee film gaat worden. Op visueel vlak heeft Ye Lou er echt een fraaie film van gemaakt mede door het bijzondere camerawerk met o.a. de point-of-view shots van de verteller. De setting rond de rivier en het industriële Shanghai zien er erg grauw en troosteloos uit, wat een bijzonder contrast oplevert met het romantisch verhaal die we voorgeschoteld krijgen.
Het verhaal zelf heeft veel weg van Vertigo waarbij een man zijn obsessie voor een vrouw die verdwenen is, gaat projecteren op een andere vrouw die op haar lijkt. Al voelt dit wel een stuk fantasievoller aan, want Ye Lou lijkt toch eerder te suggereren dat de verteller nooit een relatie heeft gehad met Meimei en dat het eerder een verhaal is over een verliefd koppel die hij heeft opgevangen langs de rivier en de rest er zelf bij gefantaseerd heeft.
Bijzondere film in ieder geval door de combinatie van het romantisch verhaal, het visuele, de fantasierijke touch en de verteller die nooit in beeld komt en het verhaal beleeft.
Hoewel de titel van de film al veel verraad over het verloop van de film, heeft John Ford er een aangename Western van gemaakt. De weg naar dat moment waar de filmtitel naar verwijst, zit vol met interessante ontwikkelingen en sterke scènes.
James Stewart probeert als beginnende advocaat een dorpje waar de wet van de sterkste geldt kennis te laten maken met de democratie en alles wat daar bijkomt. James Stewart en John Wayne als de typische machoachtige revolverheld zijn compleet elkaars tegenovergestelde met verschillende opvattingen over hoe Liberty Valance moet aangepakt worden, maar ze versterken daarmee elkaars personages. Dat het uiteindelijk John Wayne blijkt te zijn die Liberty Valance heeft neergeschoten en niet James Stewart kwam wel als een verrassing binnen, maar anderzijds past het wel in het verhaal dat het John Wayne was die Liberty Valance heeft neergeschoten.
Er is ook nog een sterke rol weggelegd voor Lee Marvin als Liberty Valance. De scène waar hij de confrontatie opzoekt met Stewart en Wayne in de kroeg is wat mij betreft het hoogtepunt van de film. Er zit een heerlijke spanningsopbouw in, het moment dat ze met elkaar neus aan neus staan is geweldig en Lee Marvin heeft gewoon een heerlijke boevengezicht. Het personage van de Marshal Appleyard is een erg uitvergroot typetje van de domme wetshandhaver, maar ik heb me best kunnen amuseren met enkele grappige momenten van hem.
Misschien wordt het einde rond het verkiezingsgebeuren van Stewart wat te lang uitgesponnen, maar ik heb me erg vermaakt met deze niet-doorsnee Western.
Dat eten een belangrijk onderdeel is van de Japanse cultuur heb ik al regelmatig kunnen ondervinden in de Japanse films en deze Tampopo is daar een leuke hommage aan.
We krijgen verschillende korte, maar grappige en geslaagde scènes te zien rond dit thema. De oude zakenmannen die allemaal hetzelfde simpele gerecht bestellen maar de jonge man die duidelijk meer culinaire kennis heeft, de man en vrouw die tijdens de seks experimenteren met voedsel, de vrouw die al stervend nog kookt voor haar gezin en die erg leuke openingsscène waar de man in detail uitlegt hoe je Ramen noodles tot in de perfectie moet eten.
Die korte scènes worden afgewisseld rond 1 groter verhaal die draait rond Tampopo die hulp krijgt van een truckchauffeur die het niveau van haar noodles restaurant probeert op te krikken.
Tampopo is gewoon een erg tof filmpje waar de liefde voor de Japanse eetcultuur (en dan vooral voor de Ramen noodles) in de verf wordt gezet.
Alternatieve titel: In de Greep van de Zombies, 16 augustus, 14:38 uur
In vergelijking met Night of the Living Dead heeft Romero hier een stevige stap achteruit gezet. De interessante en sterk vormgegeven zombies maken hier plaats voor de meest flauwe zombies die ik tot nu toe in films ben tegengekomen. Ze zien er niet alleen erg lelijk uit, maar zijn ook nog eens verschrikkelijk sloom. Het verschil met het eerste deel waar de zombies nog erg dynamisch zijn, kan niet groter zijn.
Ook qua spanning is dit een pak minder en Romero heeft meer ingezet op het komische aspect, wat niet altijd goed uit de verf kwam. Het dieptepunt moet het taartengevecht zijn van de motorbende met de zombies. Die motorbende had overigens ook wat meer kunnen toevoegen aan de film qua spanning, maar daar kwam ook maar weinig van in huis.
Nee, dit is maar een zwak vervolg op een sterk eerste deel. Benieuwd of het niveau in het derde deel wat opgekrikt kan worden.
Spielberg doet hier weinig verkeerd mee. Het is vooral de opbouw dat best sterk gedaan is met veel mysterie. Daniel Kellner die met geheime informatie op de vlucht slaat voor een duistere organisatie, een weervrouw die plots alle talen kan spreken en de gedachten/verleden van mensen kan zien en een vreemd object dat hogere krachten bevat.
Het zijn allemaal interessante ingrediënten, maar het tweede deel biedt weinig bijzonderheden met de geheime organisatie die achter Daniel en Margaret zitten en Margaret die probeert erachter te komen hoe ze aan haar gave komt. Het einde sleept iets te lang aan met de langverwachte onthulling rond het geheimhouden van de overheid over de aliens.
Ik heb me hier zeker niet mee verveeld, maar buiten de sterke opbouw wordt de gewone degelijkheid niet overtroffen.
Alternatieve titel: Red Dragon, 15 augustus, 16:39 uur
Hoewel het plot bijna identiek is als deze van The Silence of the Lambs heb ik daar tijdens het kijken van deze film weinig last van ondervonden.
Vooral omdat de sfeer van deze film toch anders is. Met de veel gebruikte popmuziek (wat niet altijd even goed uit de verf kwam), het visuele met de koele kleuren en een aantal knappe nachtelijke scènes zorgen ervoor dat het gevoel in deze film anders is als in The Silence of the Lambs.
Al is deze Manhunter nu niet echt een spannende film. In het eerste deel was er wel nog een zeker onderhuidse spanning aanwezig. De moordenaar is nog niet in beeld geweest en de voortdurende overpeinzingen van Will Graham zijn best boeiend, maar eens de identiteit van The Tooth Fairy bekend gemaakt wordt voor de kijker verwatert de spanning toch stevig. Ook de inbreng van Hannibal Lecktor is wat povertjes in het geheel.
Een tijdje geleden was ik nog erg onder de indruk van Exotica en The Sweet Hereafter was ook al een goede film. Het niveau van Exotica wordt hier niet gehaald, maar Felicia’s Journey is zeker een goede film geworden die duidelijk de stempel van Atom Egoyan draagt.
Atom Egoyan lijkt me, na 4 films van hem nu gezien te hebben, een regisseur die erg goed sfeer kan scheppen, maar daarnaast ook erg goed een verhaal kan vertellen. Felicia’s Journey is zo’n lekker slome en mysterieuze film, waarbij we met mondjesmaat meer en meer te weten te komen over de achtergronden van Felicia en Hilditch.
Net zoals in Exotica weet Egoyan het heden op een knappe manier af te wisselen met flashbacks. We zien Felicia die in Ierland verstoten wordt door haar vader vanwege haar zwangerschap en haar poging om contant te zoeken met de vader van het kind, maar het zijn toch vooral de stukjes van Hilditch die er bovenuit steken. De videobeelden van zijn vorige slachtoffers die hij gefilmd heeft in de auto geven dat extra naargeestig tintje aan de film, alsook de fragmenten van de jonge Hilditch die staat toe te kijken op zijn moeder die kookt in een televisieshow zijn zeker een toegevoegde waarde om nog wat meer mysterie rond zijn personage te creëren.
Die Hilditch wordt overigens goed neergezet door Bob Hoskins. Hij komt aanvankelijk over als een normale, vriendelijke man, maar hij heeft toch iets creepy in zich om geloofwaardig over te komen als seriemoordenaar. De prestatie van Elaine Cassidy als Felicia is wat moeilijker in te schatten, daar ze de hele film lang een ingetogen rol speelt van een naïef meisje, maar tegenvallen doet ze zeker niet.
Alleen krijgt de film niet het einde die ik gehoopt had. Het opbiechten van Hilditch tegenover de twee gelovige vrouwen die langskwamen en zijn uiteindelijke zelfmoord deden me niet zoveel. Ik vond het net wat te makkelijk hoe hij zich ‘overgaf’.
In ieder geval toch weer een geslaagde film van Egoyan. Voorlopig houd ik het op 3.5*, maar zit wel dicht tegen de 4* aan en het is eentje die ik zeker nog eens opnieuw ga zien.
Het verhaal op zich is niet zo heel bijzonder, waarbij een drugsdealer stevig in de problemen komt en op de huid wordt gezeten door zijn leverancier vanwege een mislukte deal. Maar Nicolas Winding Refn weet nog erg veel uit de film te halen door een geweldige sfeerzetting. Het ziet er allemaal erg rauw uit wat sterk bijdraagt aan het realistische beeld van de film.
Bij dergelijke films die een rauw en realistisch beeld proberen te brengen, heb ik regelmatig het gevoel dat ze te lang in de intro-fase blijven hangen, maar dat is hier allesbehalve het geval. Die eerste versnelling komt er al vrij snel wanneer de deal van Frank met de Zweed misloopt door de tussenkomst van de politie en zeker wanneer de tocht van Frank begint om het geld te zoeken om Milo terug te betalen. Ook de scène waar één van de schuldenaars van Frank zelfmoord pleegt, is er eentje van een hoog niveau.
Er komt nog een extra versnelling met de climax waarbij het liefje van Frank met zijn geld ervandoor gaat en Frank voor zich uitstaart, wetende dat zijn laatste uur waarschijnlijk heeft geslagen. Erg sterk beeld om mee te eindigen.
Prima debuutfilm dus van Nicolas Winding Refn en ben benieuwd naar de 2 vervolgfilms.
Erg mooie en ingetogen film opnieuw van Kore-eda zoals ik van hem ondertussen gewend ben. Ik zie dit soort films wel graag waarbij de hoofdrolspelers (in dit geval de ‘vader en moeder’) eigenlijk niet meer of minder dan criminele feiten plegen (de winkeldiefstallen, de ontvoering van het meisje, het begraven van de overleden oma in de tuin), maar je als kijker erg veel sympathie voor hun krijgt. En daar is Kore-eda met verve in geslaagd.
Kore-eda neemt rustig zijn tijd om het beeld te schetsen van het samengesteld gezin, en dat het een samengesteld gezin is, mag erg letterlijk genomen worden. Het beeld van de 6 familieleden die op een kleine oppervlak samenwonen, levert toch een mooi beeld op, waarbij je als kijker deel gaat uitmaken van hun leven. Aanvankelijk was het ook niet helemaal duidelijk wat de achtergronden zijn van de verschillende familieleden. Zo komen we gaandeweg te weten dat de jongen Shota net zoals het meisje Yuri ontvoerd werd en dat Aki een dochter is van een bastaardzoon van oma’s overleden echtgenoot. Toch wel een apart gegeven, maar anderzijds had ik wel het gevoel naar een warme familie te kijken die zorg voor elkaar draagt.
Ook het acteerwerk is erg sterk met vooral Lily Franky en Sakura Ando als de ‘vader’ en ‘moeder’, maar ook de kinderen doen het voortreffelijk.
Kore-eda is er toch maar weer in geslaagd om een mooie, warme en ingetogen film op het scherm te toveren.
Alternatieve titel: The President's Cake, 9 augustus, 23:37 uur
Tof en onderhoudend filmpje dat me veel deed denken aan de Iraanse films zoals Where is My Friend's House? en The Children of Heaven waarbij kinderen de hoofdrollen spelen.
Ook in deze The President's Cake zien we een meisje die een queeste aflegt waarbij ze verschillende ingrediënten bijeen moet zien te verzamelen om een cake te maken ter ere van de verjaardag van Saddam Hoessein. Niet dat de film echt hoogstaand wordt, waarbij de queeste gepaard gaat met de nodige tegenslagen en ontmoetingen met verschillende personages.
Al weet de film zich wel te onderscheiden door het verhaal vanuit Irakese oogpunt te vertellen. Overal zien we portretten en posters hangen van Hoessein en in de klas moeten de kinderen de groet uitbrengen voor Hoessein. De luchtalarmen, de jets die je voortdurend hoort overvliegen en de schaarse voedingsmiddelen zorgen ook voor extra authenticiteit in de film en een aantal scènes op het moeras waar Lamia en haar oma wonen, zijn knap gefilmd.
Alternatieve titel: The Cremator, 9 augustus, 18:27 uur
Ik ben deze film vrij blanco ingegaan en het is toch een bijzondere kijkervaring geworden. De film is geen typische horror, maar eerder een psychologische horror waarbij we door het voortdurende gepraat van Kopfrkingl inzicht krijgen over zijn manier van denken. Misschien is hij wat te lang aan het woord bij momenten, maar anderzijds draagt het wel bij om de film een hallucinerende sfeer mee te geven en in combinatie met de vele close-ups en merkwaardige cinematografie wordt het ook nog eens een surrealistische kijkervaring.
Rudolf Hrušínský heeft dan ook nog eens de perfecte kop om zo’n rol neer te zetten. Aanvankelijk komt hij nog netjes over, excentriek dat wel, maar gaandeweg wordt zijn personage alleen maar akeliger. Zijn obsessie om de mensen te ‘bevrijden’ neemt de bovenhand en met de opkomst van het Nazisme wordt het alleen maar luguberder wanneer hij wordt ingezet om de verbrandingsovens te bedienen.
Aparte cinema, maar wel een eentje die de moeite waard is om eens gezien te hebben.
Deze was weer zo eentje die dringend aan herziening toe was, want ondanks de goede score van 3.5* kon ik me hier eerlijk gezegd niet veel van herinneren.
En op zich is dat niet zo verwonderlijk, want het verhaal is niet heel erg bijzonder waarbij Clarence door toeval in het bezit is gekomen van een grote koffer met drugs en zich hierbij stevig in nesten werkt. Al is de uitwerking van Tony Scott gewoon feilloos met een leuke soundtrack (vooral dat rustgevend deuntje past geweldig in de film) en een aantal scènes die er bovenuit steken (Clarence die de pooier van Alabama neerknalt, de scène waar Dennis Hopper wordt vermoord door Christopher Walken maar eerst nog een leuk verhaaltje moet vertellen en de shoot-out).
Bij de opening credits was ik toch verbaasd om al die grote namen te zien passeren en daar zit toch voor een groot stuk de sterkte van de film in. Hoewel ze buiten Christian Slater en Patricia Arquette allemaal kleine rolletjes hebben, zijn ze allemaal een toegevoegde waarde voor de film. Gary Oldman als de pooier van Alabama is erg tof, maar ook Dennis Hopper en Christopher Walken laten in die ene scène zien wat voor een goede acteurs ze wel niet zijn. Toch is het Patricia Arquette die hier de show steelt. Ze komt erg schattig en naïef over, maar langs de kant andere kant weet ze ook erg goed haar mannetje te staan (de scène met Gandolfini als hoogtepunt).
Blijft een leuke film dus, maar achteraf gezien heb ik het gevoel dat het iets te braaf is om er een echte topper in te zien.
Tegen beter weten in heb ik deze zombiefilm een kans gegeven, maar niet dat deze film nog veel toevoegt aan het genre. Het pluspunt aan deze film is wel de onvoorspelbaarheid van de geïnfecteerden, doordat deze collectief worden aangestuurd door een leider. Een wetenschapper die uit wraak een virus in de maatschappij wilt brengen.
Verder is het weinig bijzonders of spannend en duurt het toch ietsje te lang.
Alternatieve titel: The Aviator's Wife, 8 augustus, 11:14 uur
Ik kon deze Rohmer best wel smaken. Zoals in zowat alle films die ik van hem tot nu toe gezien heb, gaat het over personages die met zichzelf en hun liefdesleven in de knoop liggen.
Deze film krijgt een erg boeiende wending wanneer François de ex van zijn vriendin gaat bespioneren en daarbij Lucie ontmoet. Anne-Laure Meury speelt de rol van Lucie op een ontzettende leuke en naturelle manier. Vanaf het moment dat François en zij met elkaar contact maken, krijgen we de beste scènes uit de film te zien die zich afspelen op de bus, in het park en in het cafeetje. Niet dat Rohmer er een spannend spionagestukje van gemaakt heeft, maar het zorgde er wel voor dat François en Lucie leuke conversaties met elkaar hadden.
Wanneer François terugkeert naar het appartement van zijn vriendin Anne krijgen we een heel andere dynamiek te zien. Het is niet meer het speelse zoals met Lucie, maar Anne is erg wispelturig en er zijn meer frustraties tussen hen. Het contrast tussen de 2 dames is dus groot en voor François volgt er nog een anti-climax wanneer hij een postkaart wilt afleveren bij Lucie, maar haar toevallig betrapt wanneer ze aan het kussen is met een van François’ collega’s.
Fijne Rohmer opnieuw die ik netjes in het midden plaats van de 7 films die ik van hem gezien heb.
Alternatieve titel: The Man Who Copied, 5 augustus, 23:42 uur
Het eerste deel van de film was precies wat ik er van verwacht had en het pakte ook erg goed uit. Er wordt wel erg veel tijd genomen om het leven van André en zijn obsessie voor Silvia te introduceren, maar de frisse stijl met de voice-over van André werkt wel. Vanaf het moment dat André de stap durft te zetten naar Silvia krijgen we een erg lief en stuntelig romantisch filmpje voorgeschoteld dat zeer aangenaam is om naar te kijken.
Halverwege neemt de film dan een wending in de richting van een misdaadkomedie. Iets wat ik helemaal niet had zien aankomen en wat ik ook niet helemaal op zijn plaats vind in deze film. De film leunt dan op heel wat toevalligheden en ongeloofwaardigheden met André die een bank overvalt en nadien nog eens het groot lot wint met de loterij. Dat Silvia zo makkelijk meegaat in zijn leugens en misdrijven past niet echt bij haar charmant personage. Dat ze samen met André, Cardoso en Marinês haar zogenaamde vader vermoorden met een zelfgemaakte bom was een echte dooddoener. Al zitten er wel wat leuke momenten tussen al die toevalligheden en ongeloofwaardigheden, zoals de scène waarin André en Cardoso in de bus naar kleingeld zoeken in de grote zak geld.
Doordat de film halverwege een andere kant opgaat, lijkt het alsof we twee films voor de prijs van één krijgen en het voelt ook niet helemaal geslaagd aan. Al heb ik me zeker niet verveeld met deze Braziliaanse prent.
Alternatieve titel: The Man from Nowhere, 3 augustus, 22:31 uur
Ajeossi is erg stijlvol gemaakt en de vele harde actiescènes zorgen ervoor dat, ondanks dat de film op bepaalde momenten wat meer aansleept, er toch voldoende te beleven valt. Zuid-Koreaanse misdaad/actiefilms hebben op dat vlak toch iets extra, maar het kan niet verbergen dat het verhaal te standaard is om echt een blijvende indruk te gaan nalaten.
Op dat vlak komen alle clichés ook hier weer voorbij met de voormalige special agent die door het verlies van zijn zwangere vrouw een teruggetrokken bestaan leidt en wraak gaat nemen op de maffia die zijn buurvrouw en haar dochter ontvoert hebben. Niets nieuws onder de zon dus en er komen ook nergens verrassingen voorbij, maar dankzij de stijlvolle cinematografie en de stevige actiescènes is dit toch een film die best goed wegkijkt.
Bij deze mijn eerste van Ho-Cheung Pang en het is een aangename kennismaking geworden. Vooral de combinatie tussen het dramagedeelte en de horror werkt uitstekend. Door het achtergrondverhaal van Cheng’s wens om een flat met zeezicht te kopen goed uit te werken, zijn haar kills extra interessant om te volgen, want ergens hoop je dat ze slaagt in haar opzet. Ze gaat wel erg driest te werk en deinst er niet voor terug om een zwangere vrouw te vermoorden en zelfs de beademing van haar vader stop te zetten, zodat ze het verzekeringsgeld kan opstrijken.
De kills zijn uiteraard belangrijk in horrorfilms en hier zijn ze allen van een hoog niveau. Vooral de scène waar ze de meeste slachtoffers maakt met de jonge mannen en vrouwen en nadien nog de agenten steekt er bovenuit. Hier kwam ook nog een dosis humor aan te pas met de darmen die bij een van de mannen uithangen, de penis die wordt afgehakt en één van de meisjes die terug wakker wordt met een plank in haar mond.
Ik moet wel zeggen dat ik even in de war was met de chronologie van de moorden. Ik dacht dat Cheng deze uitvoerde op verschillende tijdstippen/dagen, maar ze bleek dus 11 moorden op 1 avond gepleegd te hebben. Wat dat betreft een geslaagde zet van Hi-Cheung Pang om de film fris en scherp te houden.
Fijne kennismaking dus met Ho-Cheung Pang en benieuwd of er nog interessante films in zijn oeuvre zitten.
Als tussendoortje kan deze giallo horror van Argento er nog net mee door. Bij deze who-dunnit werd ik toch een paar keer op het verkeerde been gezet, doordat mijn verdachten tot tweemaal toe zelf vermoord werden (de journalist, de agent van Peter Neil).
Het acteerwerk is wel stevig onder de maat met vooral Anthony Franciosa die tekort komt als de hoofdrolspeler, maar ook de jongen die Gianni speelt, is werkelijk verschrikkelijk.
Gelukkig weet Argento de film toch wat op te smukken met een paar sterke scènes, zoals de scène waarbij Maria achtervolgd wordt door de dobermann en toevallig bij het huis van de moordenaar terecht komt. ook de scène waar de 2 vrouwen vermoord worden, is een erg sterke.
De minste van de 5 Argento films die ik tot nu toe gezien heb. Het is allemaal wat minder bijzonder, maar als een tussendoortje valt het nog allemaal mee.
Alternatieve titel: Fox and His Friends, 1 augustus, 21:45 uur
Na een erg tegenvallende Die Bitteren Tränen der Petra von Kant is dit weer een beter werk van Fassbinder die ik te zien krijg.
Films van Fassbinder hebben altijd even tijd nodig om er echt in te komen en voeling te krijgen met de personages, maar vanaf het moment dat Franz de loterij wint en zich inlaat met de rijke snob Eugen krijgen we een sterk verhaal voorgeschoteld. Franz laat zich nogal makkelijk verleiden door Eugen om veel geld te spenderen aan dure spullen waar hij niet van houdt en een lening te geven voor zijn bedrijf die in financiële moeilijkheden zit.
Ik had het wel erg te doen met Franz die steeds opnieuw gekleineerd wordt door Eugen en zijn rijke vriendjes die zich duidelijk beter voelen dan Franz. Pijnlijk wordt het vooral in het laatste halfuur wanneer Franz volledig geruïneerd wordt door Eugen en door een overdosis valium dood achterblijft in de metrotunnel en zelfs daar volledig gepluimd wordt door twee voorbijkomende jonge gasten. Zelfs één van de rijke vrienden van Eugen die toevallig voorbijkomt, wilt er niet in betrokken raken en loopt gewoon door.
Goede film dus van Fassbinder en ook de eerste die ik van hem zie waarin hij zelf meespeelt.