Fantastische film, z'n eerdere festival-hype (in Cannes) helemaal waard vind ik. Jane Schoenbrun gaat esthetisch, inhoudelijk en tonaal echt voor hele unieke keuzes (de schilderachtige decors en de cartooneske bloedfonteinen, om maar één voorbeeld te noemen), maar het past allemaal perfect. Of als er eens iets niet helemaal op z'n plek viel voor mij, stoorde dat amper. Alleen al voor de visie en de durf heb ik ongelooflijk veel respect, dan mag je ook af en toe eens een beetje uit de bocht vliegen.
Dit is natuurlijk ook helemaal geen horrorfilm. Qua esthetiek zet het zich wel in die stijl, en de film is tot in de kleinste details één grote bruisende liefdesbrief aan het (B-)horrorgenre. Als iemand die ook kan genieten van al die (wisselend) slechte sequels van Friday the 13th of Halloween, voelde ik me heel erg op dezelfde golflengte als Schoenbrun zitten. Maar qua inhoud is Camp Miasma véél, véél meer dan de gemiddelde genrefilm. Dit is in de eerste plaats - maar ook die beschrijving schiet te kort - een (queer) seksuele coming of age, een romantische fabel, een kink-positieve viering van seksuele bevrijding, van identiteit, van de media die ons hebben gevormd of ons op een te jonge leeftijd hebben ''opgefuckt'', zoals Kris het in de film verwoordt. Geen veroordeling, maar omarming en bevrijding. De cruciale sleutelscènes zijn beide niet toevallig seksscènes waarin de personages zichzelf en hun verlangens eindelijk accepteren. Fantastisch slim gedaan hoe typische genre-elementen - zoals seksuele begeerte en voyeurisme (bekijken en bekeken worden), elementen zó integraal verweven met de bouwstenen van het genre, en niet altijd op een even ''correcte'' manier naar hedendaagse normen - hier zo naturel worden geïntegreerd in een heel ander soort boodschap.
De scènes met Little Death zijn thematisch ook belangrijk natuurlijk, maar de afslachting ergens in het midden was één van de weinige momenten die me er een klein beetje uithaalde, duurde wat lang, en ik had het ook wel begrepen op een gegeven moment. Zelfde geldt voor de 'film in de film'. Maar dat komt vooral ook omdat ik helemaal locked in was bij de dynamiek tussen Gillian Anderson en Hannah Einbinder. Fantastische, crazy chemie tussen die twee, en zij laten het al zeer geweldige script en visie van Schoenbrun écht werken. Zonder die twee heb je misschien een film die in plaats van af en toe charmant uit de bocht te vliegen, helemaal overkop gaat.
Any way; dikke 4*. Zeer benieuwd naar het eerdere werk van Schoenbrun, waar ik nog niets van gezien heb.
Heeft over het algemeen misschien nét iets te weinig om het lijf om een hele grote topper te zijn, maar Blue Heron heeft me wel geraakt. Zeker in de slotscènes kwam het verdriet, de pijn, de onwetendheid maar uiteindelijk ook de acceptatie van dat niet-weten best hard binnen. Formalistisch maakt Sophy Romvari ook enkele boeiende keuzes, hoewel de sprong naar het 'heden' me er wel héél even uithaalde, of toch emotioneel even op een afstand zette. Zeker omdat ik gevoelsmatig net lekker in het verhaal, de personages en de sfeer van het tijdsbeeld begon te geraken. Maar zoals gezegd, weet ze dat eerder abstracte gevoel in het laatste kwartier wel terug ruimschoots om te zetten in sterke emoties. Subtiel en ambigu, en naar ik begrijp een soort autofictieve manier van Romvari om haar eigen jeugd een plek te geven.
Inhoudelijk en formeel gaat het dus een stuk verder dan de 'gewone' coming-of-age, maar in de eerste helft zitten toch echt enkele prachtige slice-of-life scènes, heel naturel, bijna documentaire-achtig gefilmd, of alsof je naar een home video uit de jaren '90 zit te kijken. Bijzonder knap en mooi gedaan, voelde heel echt, en toch ook poëtisch.